Het verlies van onze zoon

Tekening van onze zoon

Ik ga weer even terug in de tijd, september 2004 de eerste tijd na het verlies van onze zoon.

Dagen breng ik op de bank door. Ik ben lid geworden van ‘Lieve Engeltjes’ een vereniging die je in contact brengt met andere moeders die net hun kindje verloren hebben.

Hier wordt mijn verdriet begrepen, hier mag ik alles mailen…. Deze vrouwen worden mijn steun en toeverlaat.

Tijdens de begrafenis van onze zoon probeerden mensen mij te troosten met de woorden “ach, kop op je wordt wel weer zwanger”. En “gelukkig heeft hij nooit geleefd”.  Allemaal goed bedoelde woorden van mensen die niet begrepen wat het verlies voor ons inhield, woorden die pijn deden…

Natuurlijk wilde ik onze zoon niet inruilen voor een ander kindje, hij heeft wel degelijk geleefd. Onze zoon heeft geleefd in mijn buik, ik voelde het wanneer hij de hik had en als hij zich zacht bewoog.

Hij is er geweest, al was hij niet zichtbaar voor anderen. De band tussen moeder en kind was gesmeed.

Zijn verjaardag stond bij niemand op de kalender. Bij de gemeente werd hij onzichtbaar ingeschreven alsof hij niet bestaan had.

Armando*  heeft geen afdrukken achtergelaten op deze aardkloot behalve in mijn hart.

Er zijn ook vele begripvolle mensen die trachten het verlies te begrijpen. Mensen die onmetelijke steun hebben verleend en keer op keer mijn verhaal wilden aanhoren. Die mensen ben ik dankbaar, zij lieten Armando* toch nog een klein beetje leven.

Van de tientallen foto’s van Armando besloot ik een fotoboek te maken. Ik plakte de foto’s op de bladzijden en schreef er een verhaaltje bij, net alsof hij niet dood was. Ik huilde bij alle foto’s en liet het verdriet over me heen spoelen. Mezelf verstoppen kon ik niet, ik moest dit verdriet voelen en doorleven.

Er waren dagen waarop ik niet meer verder wilde. Deze dagen was ik boos op de ambulancemedewerkers dat zij mij zo nodig moesten redden. Hadden ze mij ook maar laten gaan.  Ik verlangde naar de rust tijdens het door mij ervaren stervensproces, ik wilde naar de witte wereld. In de witte wereld waar ik geen pijn meer zou voelen.

Het was alsof er een glas kapot was gevallen die ik probeerde in stukjes aan elkaar te lijmen. Er zijn stukjes zoek en niet alles paste meer, ik paste niet meer. Ik heb moeten leren omgaan met de veranderingen in mezelf en mijn kijk op de wereld om me heen. Hoe kon ik me nog druk maken om doodnormale dingen, hoe kon dat nog belangrijk zijn?

Ook was er de angst. Ik durfde niet meer in het donker te slapen. Als ik ’s nachts mijn ogen opendeed moest ik direct kunnen zien waar ik was. Waar ik mezelf voorheen veilig voelde in de wereld, was ik keihard tot het besef gekomen dat ook ik dood kon gaan, dat het in een tel van een seconde gebeurd kon zijn. Ook voor mij werden er geen uitzonderingen gemaakt.

Ik heb gevochten om uit het verdriet te komen en weer gelukkig te zijn. Nu vele jaren laten kan ik zeggen dat ik gelukkig ben. Trots ben ik op mijn kleine mannetje die leefde in mijn buik, hij leeft voort in mijn hart. Hij heeft een stempel op mijn leven gedrukt en ons van een belangrijke les voorzien. Mooie dingen in je leven moet je niet voorn kennisgeving aannemenn. Pak alle mooie dingen met beiden handen vast en geniet alsof het je laatste dag is. Het leven gaat snel voorbij, de dagen worden jaren. Nu is de tijd dat je moet doen wat je graag wit doen.

LEEF VANDAAG!

En toen was het stil, 14 september 2004

14 september 2004, de dag dat ons leven voor altijd zal veranderen….

Mijn bloeddruk is al een tijdje wat verhoogd. Het is nog niet hoog genoeg voor een opname maar ik wordt goed in de gaten gehouden door de gynaecoloog.

Omdat het toch stabiel blijft mag ik me weer aanmelden bij de verloskundige. Bij 32 weken zwangerschap vindt de verloskundige wat eiwit in mijn urine. Ze twijfelt om me toch weer terug te sturen naar de gynaecoloog.

Een dag later op 14 september in de avond gaat het volledig mis. Ik krijg een zeer grote bloeding. Tegen de tijd dat de verloskundige gearriveerd is, hoort ze bijna geen hartje meer.

Met mij gaat het door het vele bloedverlies ondertussen niet goed. Ik raak in shock en ervaar een soort van stervensproces. Ineens voel ik geen pijn meer, ik voel en weet dat ik het leven los ga laten…..

Sterven voelt verdomd makkelijk en ik geef me over aan de witte wereld.

De opgeroepen ambulance medewerkers leggen diverse infusen aan om het bloedverlies te compenseren. Ik kom weer bij bewustzijn… Met grote spoed word ik naar het ziekenhuis overgebracht. In het ziekenhuis wacht mijn toenmalige man in het vertrouwen dat alles weer goed komt.

Op de spoedeisende hulp wordt door de dokter een echografie gemaakt. De dokter zoekt en zoekt maar vind geen hartje meer. Onze zoon is er niet meer…..

Ik schreeuw op de toppen van mijn longen ‘nee!’. En verlies opnieuw het bewustzijn.

Mijn placenta heeft losgelaten, het is als een kaartenhuis in elkaar gezakt.

Als ik wakker word begint de nachtmerrie pas goed. Ik ben zwak en ziek en blijf maar overgeven.

Het is niet te bevatten als ik mijn dikke buik aanraak…Ik ben nog zwanger maar mijn kindje leeft niet meer. Was ik maar gewoon doodgegaan, waarom moest ik blijven leven?

Nog twee dagen krijg ik de tijd om afscheid te nemen van onze zwangerschap voordat de bevalling begint….Tijdens de bevalling wil ik het kindje niet geboren laten worden. Nu ben ik nog zwanger, straks niet meer. Ik beval zoals alle moeders bevallen, inclusief weeën en het persen.

Op 16 september om 9:00 s’avonds word ik voor het eerst moeder. Het is stil, doodstil als ons kindje op mijn borst wordt gelegd. Het is een klein baby’tje en hoeft alleen nog maar zijn ogen te openen en te leven.

LEEF DAN! WAAROM LEEF JE NIET? Schreeuwt een stem in mij…

Je bent compleet, alles erop en eraan. Hij heeft mijn neusje en het haar van zijn papa. Tien teentjes en tien vingertjes….

We waren er zo dichtbij maar nu ook zo ver weg.

Uren kijk ik in het mandje naast mijn bed. Ik probeer mijn zoon te leren kennen en elk beeld in mijn geheugen te prenten. Ik aai zijn handjes en verbaas me erover dat ze zo mooi en klein zijn. Dit is een welkom en een afscheid. Nog even wil ik je vasthouden, nog even net doen alsof je er nog bent……

Samen hebben we onze zoon gewassen, aangekleed en in zijn kistje gelegd.

We nemen hem mee naar huis naar zijn kamertje omringd door alle knuffelberen blijft hij nog even bij ons.

We praten tegen hem en vertellen welke dromen we hadden. Dat we zouden gaan voetballen en spelletjes doen. We praten over een toekomst die er niet mag zijn, voor hem niet maar voor ons ook niet. De dagen thuis gaan veel te snel voorbij. Hoe kun je in een korte tijd moeder worden om daarna je kindje weer te moeten laten gaan.

Nooit zal ik je stem horen of je huiltje, nooit zal je me aankijken met je grote ogen.

Voordat de begrafenis ondernemer komt, om ons op te halen voor de uitvaart, zing ik een slaapliedje en neem definitief afscheid van mijn zoon en van mijn droom.

Ik ben kapot maar kan niet meer huilen. Ik troost de mensen op de uitvaart en kan zelfs nog een praatje houden achter de microfoon. Zal ik ooit weer wat kunnen voelen? Zal ik ooit weer gelukkig kunnen zijn……

Zwanger maar…..

terugblik

De eerste pogingen iui in 2004 hebben telkens niet het gewenste resultaat. Inmiddels spuiten ik ook met hormonen waardoor er meer eicellen rijpen. Meer eicellen moet de kans op zwangerschap vergroten.

Aangeland in de vierde poging blijken mijn eierstokken niet te reageren op de hormoonbehandeling. Ik voel me niet lekker, grieperig en duizelig.
De dokter stelt voor dat ik toch een zwangerschapstest doe. Dat lijkt me echt niet nodig want ik ben gewoon ongesteld geweest.
Toch nieuwsgierig koop ik mijn zoveelste zwangerschapstest en voer deze thuis uit.
ZWANGER staat er te lezen. Ik kan het niet geloven en pak de bijsluiter erbij.
Het is echt waar. Trillend bel ik mijn toenmalige man en schreeuw door de telefoon “we zijn zwanger!”.
Mijn toenmalige man schrikt zo van de mededeling dat hij bijna tegen een boom aanrijdt.

Ongeloof en een geluksgevoel strijden om de voorrang. Ik kan het niet bevatten. Groeit er echt een kindje in mijn buik?

Het ziekenhuis wil de zwangerschap met een bloedtest bevestigen. Helaas, blijkt volgens de test mijn hcg gehalte te laag om te vertrouwen op een doorgaande zwangerschap.

Heel veel bloedingen volgen. Elke keer weer de gang naar het ziekenhuis en elke keer weer horen we toch een hartje kloppen. Hoe is het toch mogelijk dat ons kindje vast blijft houden aan zijn plekje in mijn buik? Wat een vechter is hij nu al!

Toch voelt het niet goed. Onbewust voel ik het onheil naderen. Ik kan mezelf gewoon niet voorstellen dat dit geluk blijft. Ik zie mezelf niet met een kinderwagen lopen.

Pas rond 26 weken zwangerschap durven we de kinderkamer te kopen en het kamertje klaar te maken. Zorgvuldig was ik alle kleertjes en geniet enorm van het gevoel om zwanger te mogen zijn. Ik voel dat ons kindje regelmatig de hik heeft en soms voel ik hem dartelen in mijn buik (denk ik)……

Ik ga bij een andere mama op kraambezoek en kan niet wachten tot ik zelf ons kindje vast mag houden.
De wolk is blauw en zacht, ik ben de gelukkigste zwangere vrouw op aarde. We hebben er zo lang op moeten wachten….

Tot 14 september 2004 letterlijk het licht uitging in mijn leven en voor de mensen om me heen…….

vruchtbaarheids-onderzoek

een curve waarop de temperatuur bijgehouden is

Terugblik

Voor onze eerste vruchtbaarheidsonderzoeken https://www.freya.nl/brochures/vruchtbaarheidsonderzoeken/ in 2003 komen we tegenover een hele lieve maar ook intelligente vrouwelijke gynaecoloog te zitten.

Zij toont ons grafieken over hoeveel stellen er spontaan binnen een jaar zwanger zijn en hoeveel stellen er langer over doen. Ze laat ons ook het aantal stellen zien die nooit zwanger zullen worden.

Gelukkig horen wij niet bij de laatste categorie, dat kan gewoon niet. Ongewenst kinderloos blijven dat overkomt ons niet. (lees ook zwangere vrouwen)

We zijn vol geloof dat de medische wetenschap ons antwoord is op onze kinderwens.

De arts stelt een aantal onderzoeken voor. Mijn toenmalige man moet een zaadtest doen en samen moeten we een samenlevingstest doen.

Bij een zaadtest moet de man zijn sperma opvangen in een potje en binnen een half uur afleveren op het laboratorium. Hoe confronterend is dat? Sta je daar als  man tegenover een laborante je zaadstaal in te leveren. Zij weet natuurlijk ook wel hoe je aan je zaadstaal gekomen bent. De laboranten zijn professioneel en laten niets blijken, het is vooral je eigen gevoel en gene die een rol spelen.

Overigens mag  je als vrouw niet helpen bij de productie van een zaadstaal, er mogen geen andere stoffen in komen dan het zaad.

Het ziekenhuis heeft er speciale kamertjes voor. Kamertjes met een tv en boekjes. Hier kun je je samen met je man terug trekken om een zaadstaal op te wekken. Ik ben nog nooit zo’n kamertje ingegaan. Eerlijk gezegd zou ik niet weten op welke wijze ik hem dan had kunnen helpen behalve zenuwachtig giechelen. Niet dat ik preuts ben, maar het doel waarom je in dat kamertje bent geeft toch een ander dimensie. Ik heb serieus respect voor de mannen die dit voor elkaar krijgen.

Samenlevingstest

Dan de samenlevingstest. Dit is geen test om te zien of je goed samen in een huis kunt wonen.

Bij deze test moet je met elkaar vrijen de avond voor het inwendig onderzoek. Je mag je als vrouw niet wassen na de daad. Ongewassen verschijn je op het spreekuur. Ik voelde me vooral heel erg vies en opgelaten.

De arts haalt met een klein glaasje wat sperma uit mijn baarmoeder, om deze onder de microscoop te bekijken.

Ik mocht meekijken door de microscoop. Wat een prachtig gezicht is dat, al die kleine zaadcelletjes zwemmend op zoek naar een eicel die ze nooit zullen vinden.

De arts kijkt of alle zaadcellen mooi bewegelijk zijn en of er afwijkende zaadcellen tussen zitten. Het slijm van de vrouw kan zaadcellen doden of te dik zijn. De arts kijkt dus of er een match is tussen de zaadcellen en het slijm.

Een paar dagen laten krijgen we de uitslag in het ziekenhuis.

Slechte kwaliteit

De zaadkwaliteit van mijn toenmalige man is niet geheel in orde https://www.freya.nl/brochures/vruchtbaarheidsproblemen-bij-de-man/. Hij produceert wel zaadcellen maar niet in de juiste hoeveelheid. Ook worden er witte bloedlichaampjes in het sperma gevonden. Dit is geen ramp, weet onze arts te vertellen, want met inseminatie kunnen ze de goede zaadcellen eruit centrifugeren. De goede zaadcellen worden daarna zo hoog mogelijk in de baarmoeder bij de eierstokken geplaatst.

De dokter ziet geen reden waarom ik niet zwanger kan worden. We gaan beginnen met IUI = intra uteriene inseminatie. https://www.freya.nl/kinderwens/vruchtbaarheidsbehandelingen/iui/

Mijn bloeddruk stijgt

Ik werd weer met pijn in mijn rechterarm wakker. Pijn in mijn elleboog en in mijn oksel, mijn vingers voelen verdoofd aan met uitzondering van mijn ringvinger en mijn pink. Mijn handen voeld aan alsof ik er de hele nacht op had liggen slapen. Een paar nachten geleden heb ik al een tijdje door de pijn beneden gezeten. Nu ik weer zoveel pijn heb besluit ik in plaats van te gaan zwemmen naar de dokter te gaan.

De dokter constateerde een verhoogde bloeddruk, namelijk 97/148, en wat mijn handen betreft zou het Carpaal Tunnelsyndroom kunnen zijn. Doordat er vocht in mijn handen en polsen aan het ophopen is zou dit druk geven op de zenuwen in mijn polsen. De dokter vond het wel vreemd dat dit zich bij mij voordeed omdat dit meestal bij meerlingzwangerschappen zou voorkomen. De dokter adviseerde mij zo weinig mogelijk zout te gebruiken en contact op te nemen met mijn verloskundige.

De verloskundige beloofde contact op te nemen met het ziekenhuis waarna ik direct mocht komen. Ik moest mijn bloed laten prikken en wachten in de wachtkamer voor het spoedspreekuur.

Een arts-assistent nam wederom mijn bloeddruk op, deze was inmiddels alweer gedaald naar 90/130. In mijn bloed werden geen afwijkingen gevonden en dus kreeg ik een nieuwe afspraak voor een week later. Volgende week moet ik wat urine meenemen zodat het ziekenhuis dit kan controleren op eiwitten.

Ik moet het dus nog rustiger aan doen dan ik al deed, ik wilde niets riskeren. Veel drinken kon ik niet omdat ik nogal last had van maagzuur daarom dronk ik liters melk. In het ziekenhuis had ik al aangegeven dat ik last had van opgezette voeten en dat ik het idee had dat ik in mijn gezicht wat vocht vast hield. De arts-assistent vond de hoeveelheid vocht niet alarmerend en gerustgesteld zijn we weer naar huis gegaan.

10 september 2004

Samen met R ga ik weer naar poli verloskunde voor mijn afspraak, ik heb een potje urine meegenomen. In mijn urine werden 2+ eiwitten gevonden.

Wederom werd ik onderzocht door een arts-assistent. Weer heb ik verteld dat ik al lange tijd heel vaak naar de wc moet en bang ben dat ik een blaasontsteking heb. Inmiddels zijn mijn vingers aan mijn rechterhand volledig gevoelloos en mijn linkerhand begint dezelfde symptomen te vertonen.

De arts-assistent haalde er een arts bij die het raadzaam vond om een afspraak in te plannen bij een neuroloog. Het Carpaal Tunnelsyndroom was wel erg uitgesproken vond de arts. Hij vond in het bijzonder het sensibilieitsverlies (verlies van gevoel) wat zorgwekkend.

Weer moest ik bloedprikken waarvoor ik ’s middags de uitslag zou krijgen. Mijn bloeddruk was op de grens van het aanvaardbare 90/130. Maandag moet ik opnieuw terug komen om mijn bloeddruk nogmaals te meten.

Mijn bloeduitslag bleek goed te zijn waardoor we enigszins gerustgesteld aan het weekend kunnen beginnen.

Maandag 13 september 2004

Omdat R moest werken ging mijn moeder mee naar het ziekenhuis.

De arts vond mijn bloedwaarden wederom normaal en bloeddruk was nog steeds 90/130. Wat hij wel zorgwekkend vond was dat ik al zo snel in mijn zwangerschap (33 weken) een verhoogde bloeddruk had. Zijn verwachting was dan ook dan mijn bloeddruk verderop in de zwangerschap een probleem zou worden. Indien ik dat wilde mocht ik terug naar mijn verloskundige of in het ziekenhuis terug komen. Omdat ik heel tevreden met mijn verloskundige was heb ik besloten om me weer bij haar onder controle te stellen.

 

Ik begin er zwanger uit te zien

12 juni 2004

Ik begin er zwanger uit te zien, soms heb ik zelfs het gevoel dat mijn buik niet groter kan worden. Ik vraag mezelf af waar mijn organen gebleven zijn en hoe ik weer een ontspannen gevoel in mijn buik kan krijgen.

De kast in de huiskamer staat vol met alle cadeaus die we voor jou gekregen hebben. Je wordt nu al verwend met allerlei knuffels en kleertjes. Er wordt met smart op je gewacht. Er liggen ook al diverse aanbiedingen van familie en vrienden om op te passen zodat papa en mama straks een avondje weg kunnen. Al vraag ik me af of ik je makkelijk achter kan laten?

De babykamer komt eind augustus, ik sta te popelen om je bedje klaar te maken en je spulletjes neer te zetten. Er met nog heel wat gekocht worden, want er mag je aan niets ontbreken! Was het maar alvast november dan slaan we de zomer over dit jaar, laat de bevalling maar beginnen, we kunnen niet wachten!

12 juli 2004

Precies een maand later schrijf ik weer. Het was te druk en te heftig op mijn werk waardoor ik de ziektewet in moest. Het idee dat jou iets zou overkomen doordat mijn stress peil te hoog is lijkt met verschrikkelijk. Ik ga het dus rustiger aan doen, zodat je de kans krijgt nog beter te groeien dan je al deed.

Je ben de hele dag druk in de weer daar in mijn buik. Ik voel steeds van die zachte schopjes, je vader is keer op keer teleurgesteld omdat hij het schoppen nog niet kan voelen.

Vorige week hebben we 3 kwartier op de echo naar je gekeken, hier is een mooie DVD van gemaakt. Je blijft iets achter in groei, maar volgens de echoscopist ben je nu al een mooie baby. We weten nu ook dat je een jongen bent, je vader is apetrots, als maakte het ons eigenlijk niet zoveel uit. Je naam hebben we al, deze is bedacht door je pa. Niemand in onze omgeving mag weten dat je een jongen bent, dat blijft een verrassing. Stiekem kunnen we wel alvast jongenskleren kopen, stoere pakjes voor als je geboren bent. Dit is echt de mooiste tijd van ons leven, wij worden pa en ma!

9 augustus 2004

Het is al een aantal dagen boven de 30 graden. Jij en ik moeten het rustig aan doen. Zwanger zijn met zulke temperaturen is zwaar werken, ik heb diep respect voor de vrouwen in Afrika.

Omdat ik nu niet meer zoveel doe heb jij nog even rustig de tijd om te groeien. Regelmatig heb ik het gevoel dat ik op knappen sta want jij claimt steeds meer de ruimte.

Elke dag geniet ik van die kleine schopjes in mijn buik en ben ik ontzettend dankbaar dat R en ik dit mee mogen maken. We praten samen veel over de tijd als jij geboren bent. We praten over wat we allemaal gaan doen en wat we wel en niet willen. Opvoeden is niet makkelijk maar we beloven je dat we ons best zullen doen.

23 augustus 2004

Je kamertje is eindelijk gebracht. Michel en je pa hebben de eerste kast al in elkaar gezet, je nieuwe skipak hangt er al in. Morgen gaan de we rest in elkaar zetten, daarna kunnen de kleertjes gewassen worden. Papa en ik moeten nog heel wat spulletjes voor je kopen, ik denk dat we dat ook deze week even gaan doen. Het lijkt net of je weet dat we met je kamertje bezig zijn, want toen ik even bij papa en Michel ging kijken begon je er flink op los te trappelen in mijn buik. Nog twee maandjes verder groeien dan kun je lekker in je nieuwe bedje slapen.

De laatste dagen heb je steeds de hik, voor mij is dat een grappig gevoel maar ik denk dat het voor jou wat minder leuk is. Elke avond neem ik even de tijd voor je, dan wrijf ik over mijn buik en ja hoor, je reageert er direct op. Ik voel je dan bewegen en schoppen, dat is zo’n lief gevoel! ’s Morgens maak je me wakker met je schopjes, beter kan de dag niet beginnen.

Nou lieverd, ik ga Cintha uitlaten en dan weer lekker naar bed, even tijd voor jou nemen en dan slapen. Nog maar twee maanden!

 

Het gaat al beter

Het gaat al beter

8 april 2004

Het bloeden is gestopt, ik vind alleen nog wat oud bloed terug. Gelukkig voel ik mezelf ook stukken beter. en kan de hele dag door eten. Vandaag had ik een trekkerig gevoel in mijn onderbuik alsof de kleine wat meer ruimte wil.

Op ons kerstkaartje zal dit jaar een naam extra staan.

13 april 2004

Vandaag ben ik tien weken en vijf dagen zwanger. Tijdens de echo leek het net of ons kindje naar ons zwaaide. Hij was druk aan het spartelen in mijn buik, zo ontzettend leuk om te zien. We hebben zijn armpjes en beentjes gezien, hij is helemaal compleet. Het risico op een miskraam neemt al wat af maar we zijn nog niet uit de gevarenzone.  Dit kleintje houdt stand, dat weet ik zeker!

22 april 2004

Af en toe heb ik nog een beetje bloedverlies, maar het is te verwaarlozen.

Ik heb wat nieuwe babyspulletjes op mijn verjaardag gehad. Oma heeft je eerste sokjes al gebreid, zo pittig! Aanstaande maandag mogen we weer voor een echo, even gluren of je nog een beetje gegroeid bent. Elke keer is dat weer spannend!

6 mei 2004

We hebben vandaag nieuwe broeken moeten kopen, ik pas niet meer in mijn eigen kleren. Ik kan nog niet voelen dat je er bent, maar mijn buik begint al aardig te groeien. We verheugen ons op de tijd dat je geboren bent en bij ons hoort. Binnenkort gaan de we de babykamer uitzoeken en de rest van de spulletjes kopen. Het is nog steeds onwerkelijk, ik kan me niet voorstellen dat je in me groeit, maar wat ben ik er trots op en gelukkig mee.

’s nachts slaap ik slecht, moet wel 5 tot 6 keer naar de wc en ’s morgens wil ik mijn bed juist niet uit. Op de echo’s ben je aan het poseren en laat je je van alle kanten bekijken. We vragen ons af hoe je eruit komt te zien, wordt je net zo donker als je vader of krijg je toch blond haar? Wat zal de kleur van je ogen worden? Hoe ziet een kindje van ons samen eruit?

Je bent meer dan welkom en ondanks dat wij met vruchtbaarheidsbehandelingen bezig waren, kwam je toch nog onverwachts, je bent een wonder!

23 mei 2004

We zijn op 18 mei voor de laatste keer naar het ziekenhuis geweest. We hoeven daar niet meer terug te komen want de bloedingen zijn gestopt.

Je bent van kop tot teen nu negen centimeter en je hoofdje is drie centimeter. Wat ben je nog klein. Je ruggengraat en je kaken zijn goed te zien op de echo. Dit keer had je geen zin in ons gekoekeloer, je lag lekker achter in mijn buik te slapen. Je vond dat geduw zo vervelend worden dat je jezelf omdraaide van je buik op je rug.

Iedereen loopt te gissen of je een jongetje of een meisje bent, dat is voor ons ook nog een verrassing. Het maakt mij niet uit wat je bent als je straks maar gezond en gelukkig bent.